Vandaag was weer zo’n dag met een heleboel verschillende klanten. Zo’n dag die de afwisseling brengt waar je zo op hoopt. Zo’n dag die je thuis na vertelt en waarvan je de typetjes niet zo snel vergeet.
Je weet, de mannetjes en vrouwtjes, maar toch vooral vrouwtjes praten vrijwel direct “honderd uit”. Maar soms moet je wel eens even aandringen. Zoals vanochtend.

Stapt een keurig dametje, zeer modieus gekleed en prachtig opgemaakt, naast mij in de taxi en vraagt vrijwel onmiddellijk: “bent U wel eens in Nieuw-Vennep geweest? “
“Natuurlijk”, zeg ik, “maar waarom vraagt U dat?” Ze negeert mijn antwoord, kennelijk omdat ze het antwoord wel degelijk heeft gehoord en vraagt direct “en weet U de Mozartlaan daar? Staan daar dure huizen?”
Nu moet ik helaas het antwoord schuldig blijven, maar gezien mijn eerdere bevestiging van het feit dat ik weleens in Nieuw-Vennep ben geweest, zeg ik toch, “ja ik denk wel dat ik weet waar die is en volgens mij staan er van die gewone eengezinswoningen. Je weet wel waar de familie Doorzon vroeger woonde en misschien nu nog wel”. Maar opnieuw vraag ik haar, “waarom vraag U dat “?
Haar antwoord komt vrij snel en heel direct: “Ja, dat wordt een heel verhaal”.
Ze mompelt wat en draait zich wat af alsof zij wat beledigd naar buiten kijkt.
Het blijft vervolgens enkele minuten stil. En plotseling veert zij op en zegt; “Ach U mag het eigenlijk best weten”.

Ik krijg een heel verhaal te horen over een chirurg die bij haar littekenweefsel heeft weggehaald en die haar daarna wel twintig keer heeft gebeld en haar avances begon te maken. “Nota bene, meneer, hij was van zijn vrouw gescheiden en heeft twee grote kinderen en hij heeft een Thaise vrouw uit het Verre Oosten gehaald. U weet wel zo’n hele knappe, die onze Nederlandse mannen trouwen vanwege hun geld. Meer dan eens klaagde hij over het feit dat zij (de Thaise naar ik begreep) zo duur was”. “Ja, dank je de koekoek meneer, dat is nou eenmaal de cultuur van die vrouwen”.

Zij vervolgt haar verhaal, waaruit ik opmaak dat zij uiteindelijk de chirurg heeft gebeld en gezegd heeft dat zij niet langer van zijn avances was gediend. “Niet dat daar verder wat is gebeurd, hoor meneer, maar ik was er niet van gediend. En toen zei hij dat wat gebeurd was, was gebeurd. Hoe vindt U dat nou. Excuses konden er niet af”.

Op dat moment wilde ik eigenlijk wel van het verhaal af en om het gesprek een andere wending te geven, zei ik “en nu gaat U vanmiddag lekker naar schilderles?”
“Ja”, antwoordde het zittende schilderij en ratelde vervolgens door over de charmeur “de chirurg”. Want, zo vertelde zij opnieuw, “ik ga hem zoeken en voor het gerecht brengen. Is hij be…………….d !!!

Inmiddels stonden wij voor het adres waar zij naar schilderles moest en ze zei; “ach wat geeft het ook, ik ben al 87 en wie zit er eigenlijk nog op mij te wachten ? Ja , ik ben nog best wel knap, maar ja…!!”

Het wandelende schilderij en parfum verstuiver stapte uit en zei: “Nou meneer, tot de volgende keer en dank U wel voor het fijne gesprek hoor”. Mij enigszins in verbazing achterlatend. Welk verhaal zou mij bij de volgende rit te wachten staan?

Ernst
27 januari 2026