Op deze pagina verschijnen zo nu en dan columns en/of gedichten, geschreven door medebewoners. Vindt u het leuk om ook eens zo’n column of gedicht te schrijven? Wij plaatsen deze graag. U kunt uw bijdrage dan insturen naar redactie@decomponist.info. Let erop dat de column en/of gedichten niet meer dan 500 letters en tekens bevat en voeg zo nodig een bijpassende foto toe. Zorg dat u de foto in de hoogste resolutie toestuurt.
Eerdere columns en gedichten van Mia Meijer vindt u HIER

Deze week, zoals elke week, rijd ik voor ’s lands 2e vervoerder een dagje door Nederland met de Valys taxi.
Ik heb mij nog maar nauwelijks geïnstalleerd of de boordcomputer piept erop los. Zo’n kort snerpend piepje waardoor je het direct wil uitzetten of je het ritje wilt of niet. Niet dat ik daar veel over te zeggen heb, want de centrale beslist over je lot zo’n dag.
Of ik maar even naar de X-straat in Den Haag wil rijden en daarna naar de IJ-straat in Pijnacker. De eerste klant gaat naar Eelderwolde in Groningen en de twee mensen uit de IJ-straat gaan naar Roden. Voor mensen die geografisch niet zo onderlegd zijn, ook dat ligt in Groningen op nog geen 8 kilometer afstand van Eelderwolde.
De eerste klant is een echte Groningse die op bezoek is geweest bij haar kinderen in Den Haag. Zij heeft een koffertje en een handtas bij zich en neemt met enige moeite naast mij plaats. In sappig Greunings begint zij aan haar praatje dat, naar later blijkt, tot aan Eelderwolde zal duren.
Op weg naar Pijnacker dan maar. Een half uurtje later bel ik aan na enige omzwervingen door Pijnacker, doordat er markt is, bij het echtpaar dat vandaag naar Roden gaat. De man loopt achter een rollator terwijl zijn vrouw de bagage draagt. Uiteindelijk lukt het mij met enige persen, wat gelukkig niet wordt opgemerkt door de passagiers, alle bagage in de kofferruimte te krijgen. De dames zijn al in gesprek geraakt. Behalve het mannelijk gedeelte van het reisgezelschap. Die heeft zich achterin genesteld en zal de rest van de reis weinig meer zeggen. Hij knikkebolt zo nu en dan alleen, maar snurkt gelukkig niet.
De beide dames hebben inmiddels ontdekt dat zij allebei naar Groningen moeten, dus het eerste gespreksthema is al rap geboren. Het echtpaar gaat op bezoek bij hun dochter, waar over een aantal dagen een kleinzoon in het huwelijk zal treden. Waar beginnen ze aan met die storm, dat wordt vast een stormachtig begin van een huwelijk.
Al snel na vertrek keuvelen de dames er lustig op los en passeert de levensgeschiedenis van zowel de ene als de andere familie de revue. Zelfs de hobby’s en de beroepen van de kinderen en de kleinkinderen ontbreken niet. Natuurlijk zijn zij allen behoorlijk “geslaagd” in het leven.
Ik zelf hoef mij er eigenlijk nauwelijks in te mengen. Zo nu en dan een richtinggevende vraag of opmerking is meestal voldoende voor een nieuw half uur gesprekstof. Ik voel mij de volgende Joris Linssen. Ik heb alleen geen camera in het dashboard verstopt en ook geen microfoon, maar dat weten deze mensen niet.
Vlak onder Zwolle neem ik dan maar zelf die hard nodige plaspauze en nodig mijn passagiers uit hiervan zo nodig ook gebruik te maken. De beide dames maken er dankbaar gebruik van, terwijl ik voor het echtpaar twee enorme kartonnen bekers met cappuccino haal. Wat hen de opmerking ontlokt dat “zij thuis niet zullen grote gebruiken”. Ik heb er al onmiddellijk spijt van, want ik voorzie alleen al hierom nog een tweede sanitaire stop. Het laatste deel van de reis verloopt hierna redelijk voorspoedig en snel. Wat overigens niet betekent dat de gesprekstof inmiddels is opgedroogd.
Om half twee rijden wij Eelderwold binnen en zetten wij de Groningse dame af bij haar appartement, dat uitkijkt over het Zuidlaarder meer. Zij neemt afscheid van haar mede passagiers en van mij als chauffeur en bedankt mij voor de veilige rit. Enigszins heimelijk steekt zij haar hand naar mij uit en stopt er een vijftig eurocent munt in, onderwijl fluisterend “hier dat is voor een kopje koffie”. Ik bedank haar vriendelijk en neem afscheid met een glimlach.
We rijden het laatste stukje door naar Roden over smalle binnen weggetjes en al snel rijden wij het dorp binnen. Bij een vrijstaande villa aan de buitenkant van het dorp stoppen wij om het echtpaar uit te laten stappen. Voordat de vrouw uitstapt vraagt zij hoeveel ik van haar krijg voor de koffie. Met een breed gebaar legt zij een tientje in mijn hand. Zich kennelijk beter bewust van de koffie prijzen van vandaag de dag. “Neem de rest maar voor een bakkie op de terugweg” zegt zij met een glimlach. Ik help ze met de bagage en neem afscheid, niet nadat beiden mij hebben bedankt voor de “gezellige en vooral veilige rit”.
Voor mij rest de terugreis naar Den Haag van zo’n kleine vier uren. Natuurlijk geen passagiers voor de terugreis. Dus gaat de radio wat harder en neem ik bij Surhuisterveen, off all places, een koffiepauze en nog een sanitaire stop.
Moraal van dit verhaal.
Volgende week hoor ik weer nieuwe verhalen en levensgeschiedenissen en opnieuw valt mij op dat het eigenlijk het oude verhaal is; “gooi er een dubbeltje in en ze ratelen een uur door”. Maar hoe dan ook ik geniet ervan.
Ernst
5 januari 2026




Dank voor de tip Mia. Op een PC, een laptop en een tablet is prima te zien van wie welke column is. Die pagina’s hebben namelijk twee kolommen. Het blijkt echter dat dit minder goed te zien is op een mobiele telefoon. Wij hebben dit opgelost door onder iedere column ook nog een keer de naam van de auteur te plaatsen.
De webredactie.
Leuke collumn Ernst. Is dit een waar gebeurd verhaal? Maak je echt zulke lange ritten?
Klopt Ger. Natuurlijk geanonimiseerd maar waar gebeurd. Met 2-3 dagen in de week reed ik ruim 60.000 – 80.000 km per jaar. en zag ik de kleinste dorpjes in heel Nederland.